vrijdag 3 april 2009

Het Verhaal van Carolina

Carolina is hooguit eind dertig, de vierde vrouw van haar man en de tante van mijn Burkinabése huisgenoten. Als man zijnde kan je, zodra je geld hebt, nog een vrouw erbij nemen. Eigenlijk doen wij het ook zo als we onze partner niet zo meer zien zitten, alleen wij scheiden tussendoor en dat is hier taboe. Soms blijft de man alle vrouwen zien, maar hij woont in principe bij de laatste vrouw. Tenzij hij ze allemaal verenigd heeft op zijn stukje land. Dan kiest hij elke dag één van zijn vrouwen die die dag zijn vrouw mag spelen; dat wil zeggen; zij kookt, zij wast, zij doet alles en aan het einde van dag, gaat hij bij haar slapen.

 Hoe stom of leuk je al je vrouwen ook vind, je inkomen deel je met hun. Je zorgt dat je vrouwen, en de kinderen die je bij hun hebt gekregen, te eten hebben. Tenminste, als je genoeg geld verdient.

 De man van Carolina is tegen de zeventig en gepensioneerd vrachtwagen chauffeur. Althans, als er een pensioensvoorziening zou zijn, zou hij met pensioen zijn. Maar hij is gepensioneerd want op de vrachtwagens wilde ze hem niet meer hebben en nu heeft hij zijn heil gezocht als taxichaffeur. Voor een flinke som per maand ‘huurt’ hij zijn taxi van een rijkere meneer die vele taxi’s bezit en anderen er in laat rijden. De hele dag doorkruist hij in dit gammele brik de stad; af en toe moeten ze de hoogbejaarde Mercedes even aanduwen want de startaccu is praktisch leeg. Om maar niet te spreken over de staat van de andere auto-onderdelen. Aan het einde van een langdurende dag houdt hij als het even meezit iets over. Geld. Maar niet veel, en zeker niet veel als je er 11 kinderen en 4 vrouwen van moet onderhouden.

 Carolina komt regelmatig bij ons haar mobiel opladen en even ‘bijtanken’ want ze leeft in erbarmelijke omstandigheden, met haar vier kinderen en echtgenoot. Gister durfde ze het aan over haar financiële situatie te beginnen. Ze vertelde me dat de moeder van mijn huisgenoten, haar zus, zo goed voor haar zorgde. Zij was het die haar ondersteunde, ze was haar toevlucht, haar beste vriendin. Twee jaar geleden kwam ze echter om in een busongeluk. De kinderen hebben wel andere dingen aan hun hoofd dan hun tante financieel te ondersteunen. Geemancipeerd als ze zijn, besteden ze hun geld liever aan hun eigen leven. En wie geeft ze ongelijk. Maar voor Carolina is haar vangnet weggevallen.

 Ik ben altijd erg sceptisch als ik deze verhalen hoor. “Ja mevrouw, natuurlijk heeft u het moeilijk financieel gezien, heel Burkina heeft het moeilijk”. Iedereen wil geld en mensen schromen er meestal niet om dat aan mij te vragen. Ongeduldig als ik was, begon ik haar maar ongeïnteresseerd, regelmatig met mijn laptop spelend, vragen te stellen. “Waarom heeft u dan geen geld? Waarom werkt u eigenlijk niet? Want ja, als u gewoon zou werken dan zou u geld hebben, nietwaar?”

Maar langzamerhand drongen haar antwoorden tot me door.

 Eerst haar verhaal van haar man. Vervolgens, “ik wil zo graag werken, ik zoek elke dag, ik bid elke dag tot god. Vroeger toen we een ijskast hadden kon ik water en zelfgemaakte sapjes verkopen, maar nu zitten we zonder stroom. Ik zou wel hout willen verkopen, maar ik weet niet waar ik het geld vandaan moet halen om te beginnen”. Geen startkapitaal dus.

Ik was nog steeds sceptisch. Totdat ik me probeerde voor te stellen hoe dat is. Je wilt werken, maar je drie van je vier kinderen zijn onder de 5 en zijn thuis. Waar moet je die laten. Ik zei, “maar mevrouw, u moet toch gewoon gaan sparen, dan beetje bij beetje kunt u vanzelf wat grotere hoeveelheden kopen”. Ze zei, tranen in haar ogen, “maar wat moet ik doen, als mijn kinderen niet meer op houden met huilen om hun legen magen? Ik moet dan uitgeven wat ik heb, en zelfs dat is dan eigenlijk nog niet genoeg om hun echt te voeden”. Ik keek naar mijn bord. Ik had zojuist een flinke salade met eieren, een banaan en mango als toetje verorberd en de ijskast lag vol met nieuwe heerlijkheden.

 Ik bezweek. Zij en haar verhaal hadden ineens mijn volle aandacht. Mijn sceptische houding verschrompelde tot een knagend gevoel van onmacht en mededogen. En de afgelopen dagen gaat er bijna geen moment voorbij waarin ik niet denk aan wat ik voor haar zou kunnen doen. En voor al die andere vrouwen, kinderen en mannen die in vergelijkbare of ergere situaties zitten. Ik heb haar een paar duizend franc (3 euro) gegeven, wetende dat ze daar minstens een week goed van kunnen eten maar dat het absoluut geen duurzame oplossing is. Maar wat zou hier wel de oplossing voor zijn?

Geen opmerkingen:

Een reactie posten